Grove grappen, mooie muziek en een eigen moraal over religie in ‘The Book of Mormon’

Dit artikel verscheen 28 september in Trouw

De missionarissen Kevin Price en Arnold Cunningham worden uitgezonden naar Oeganda. Beeld Julieta Cervantes

Grove grappen, mooie muziek en een eigen moraal over religie: ‘The Book of Mormon’ komt duidelijk van de makers van tv-serie ‘South Park’. Na jaren Broadway en het Londense West End, speelt de bekroonde musical nu in Carré.

Je weet van de kruisiging en de wederopstanding, maar wist je ook van Jezus’ tripje naar New York? Anderhalf millennium voordat Columbus het continent ontdekte, bezocht de zoon van God daar een volk genaamd de Nefieten. Zo begint althans het verhaal van de Kerk van Jezus Christus van de heiligen der laatste dagen, oftewel de mormonen. En zo begint ook de musical ‘The Book of Mormon’, die van 3 tot en met 27 oktober speelt in het Koninklijk Theater Carré.

De musical is in het buitenland zeer succesvol. Bij zijn Broadwaydebuut in 2011 won ‘The Book of Mormon’ negen Tony Awards en een Grammy. Die kreeg de musical deels voor de muziek, gecomponeerd door songwriter Robert Lopez, maar ook voor het scenario, geschreven door Matt Stone en Trey Parker, het duo achter de tv-serie South Park.

De musical die nu naar Nederland is gekomen, vertelt het verhaal van twee jonge missionarissen: de populaire en ietwat arrogante Kevin Price, en de onzekere nerd Arnold Cunningham. Samen worden zij uitgezonden naar een dorp in Oeganda. Wanneer een plechtige stem van boven uitlegt dat dat in Afrika is, roept Cunningham enthousiast ‘Oh, als The Lion King!’

Gelijk bij aankomst worden Price en Cunningham beroofd door de lokale krijgsheer, generaal Butt-Fucking Naked. Om ze op te vrolijken leert hun gastheer ze een gezegde: ‘Hasa Diga Eebowai’. Maar dan blijkt ‘Hasa Diga Eebowai’ eigenlijk ‘Fuck You, God’ te betekenen.

Feiten en cijfers over de mormoonse kerk

De mormoonse kerk (officieel de Kerk van Jezus Christus van de heiligen der laatste dagen) telt wereldwijd zestien miljoen leden. Van hen leven er 9500 in Nederland. Hun tempel staat in Zoetermeer. De hoofdzetel bevindt zich in Salt Lake City, Utah. Maar liefst 13 procent van alle mormonen leeft in die Amerikaanse staat.

Centraal in het geloof staat het Boek van Mormon. Na het Oude en Nieuwe Testament is dat voor mormonen het derde deel van de Bijbel, dat in de negentiende eeuw werd opgeschreven door de mormoonse profeet Joseph Smith (1805-1844) uit New York. Dat boek vertelt over de Nefieten, een volk dat rond 600 voor Christus vanuit

Israël naar de Verenigde Staten zou zijn gemigreerd. Er worden ook andere volken in beschreven, waaronder de aartsvijanden van de Nefieten: de Lamanieten.

Een populaire mythe over de mormonen is dat ze polygamie beoefenen. In de tijden van Joseph Smith zelf was dat inderdaad zo, maar in 1890 heeft de kerk polygamie afgezworen.

Na de eerste preview van ‘The Book of Mormon’ in Carré deelden mormonen buiten het theater flyers uit. De jongens waren gekleed in de onder dit conservatieve kerkgenootschap gangbare stijl, met stropdassen, spierwitte overhemden ingestopt in zwarte broeken en een zwart naamplaatje op de linkerborst. Mormonen mogen niet roken, geen alcohol drinken en ook geen thee en koffie.

De missionarissen proberen er het beste van te maken, maar voelen zich overweldigd. Tot Cunningham uit wanhoop verhalen verzint waardoor de dorpelingen geïnteresseerd raken. Hij mixt elementen van zijn Bijbel met verzonnen geboden over aids en vrouwenbesnijdenis, en vertelt over de mormoonse profeet Joseph Smith net zo goed als over personages uit ‘Star Wars’ en ‘The Lord of the Rings.’ Die wirwar van fantasie en bijbelverhalen slaat aan.

Mitt Romney

Later blijkt dat bijna niemand de verhalen letterlijk nam. Wat de dorpelingen betreft zijn het metaforen voor een diepere boodschap, die neerkomt op ‘Wees aardig voor elkaar’.

Voor Nederlands publiek lijken mormonen een wel erg marginale club om een musical op te baseren. De mormoonse kerk heeft hier maar 9500 leden. Wereldwijd zijn er zestien miljoen gelovigen. Met name in de VS is het een kerkgenootschap met bekende namen, waarmee ook in verkiezingscampagnes rekening wordt gehouden. Mitt Romney, Barack Obama’s Republikeinse opponent uit 2012, is bijvoorbeeld mormoon.

Toen de musical in Amerika uitkwam reageerde de mormoonse kerk met een statement: ‘De productie probeert het publiek misschien een avond te vermaken, maar het Boek van Mormon zal de levens van mensen eeuwig veranderen door ze dichter bij Christus te brengen.’ Later begonnen mormonen ook te adverteren rond theaters waar de musical speelde, en na de voorstelling flyers uit te delen waarin hun kant van het verhaal wordt verteld. Nederlandse mormonen doen dat hier ook na de voorstellingen, ze stonden donderdagavond al bij de deuren van Carré, toen de previews begonnen. Amerikaanse mormonen melden dat diverse toeschouwers na het zien van de musical zijn bekeerd.

Mormoons vriendinnetje

De hoofdzetel van de mormoonse kerk is in Utah. De schrijvers Matt Stone en Trey Parker zijn net één staat verderop opgegroeid, in Colorado. Stone (1971) en Parker (1969) gingen met mormonen naar school, Parkers hart werd eens gebroken door een mormoons vriendinnetje. Ze zijn zelf geen mormonen, maar ze kennen de wereld van deze gelovigen goed en schrijven er al sinds hun allereerste project over. Dat project was de indiefilm ‘Cannibal! The Musical’ uit 1993. Ook daarin belanden jonge mannen – onder wie een mormoon – in zware omstandigheden. Maar waar in ‘The Book of Mormon’ optimisme zegeviert, zit ‘Cannibal!’ vol zwartgallige humor en een cynische boodschap.

The Book of Mormon Beeld Julieta Cervantes

Een paar jaar later braken de twee schrijvers door met ‘South Park’, een animatieserie over vier jongens in het fictieve bergstadje South Park, Colorado. Toen de serie in 1997 begon, kreeg ze al snel de reputatie alle denkbare heilige huisjes met een botte bijl en scherpe satire omver te hakken. Maar South Park kreeg in de loop van de jaren ook een expliciet moreel karakter. Zo is er de aflevering ‘All About Mormons’, waar een van de hoofdpersonen zijn nieuwe mormoonse klasgenoot probeert te overtuigen dat diens kerk van belachelijke verhalen aan elkaar hangt. Op het eind antwoordt de klasgenoot dat dat niet uitmaakt. ‘Want wat de kerk nu doceert is je familie liefhebben, aardig zijn en mensen helpen. Maar jij waant je zo superieur dat je niet voorbij mijn religie kan kijken om m’n vriend te zijn.’ Met die roep om tolerantie zijn de zaadjes voor ‘The Book of Mormon’ gezaaid.

Tegenover tolerantie plaatst South Park terreur. Terrorisme is het tegenovergestelde van wat geloof in de ogen van Stone en Parker zou moeten zijn. Terreur is dogmatisch en draait om geweld in plaats van mededogen en tolerantie, waar geloof volgens de twee over zou moeten gaan. Maar ze zijn wel door terrorisme gefascineerd, terroristen komen veel in hun oeuvre voor.

Neem de South Park-aflevering waarin terroristen een aanslag plegen op ‘Imaginationland’, het thuisland van fictieve wezens (Jezus woont er, maar ook Zeus, Popeye en de leeuw uit Narnia). Kort na de aanval verklaart een Amerikaanse generaal op het Pentagon ernstig: “Terroristen hebben nu volledige controle over onze verbeelding. Het is slechts een kwestie van tijd voordat onze verbeelding op hol slaat.”

Fantasiewereld

Uiteindelijk wil de overheid kernwapens op de fantasiewereld gooien. Maar een van de kinderen doet ze van gedachten veranderen. Hij overtuigt ze dat de denkbeeldige figuren die ze zouden bombarderen echt zijn. Niet omdat ze historisch hebben bestaan, maar omdat ze onze levens hebben veranderd.

Ook in ‘The Book of Mormon’ is terreur de vijand. De Oegandese dorpelingen wíllen hun vrouwen niet besnijden, maar hun krijgsheer dreigt iedereen te vermoorden als ze weigeren.

Gaandeweg blijkt dit een van Stone en Parkers hoopvolste verhalen. Halverwege de musical vertelt een missionaris dat de profeet Joseph Smith in de negentiende eeuw gouden platen vond met daarop het Boek van Mormon. De engel Moroni instrueerde hem de platen niet te tonen, ook niet als mensen zouden vragen of ze echt bestaan. Dat is precies hoe het volgens het echte Boek van Mormon gegaan is. In het lied ‘All American Prophet’ vraagt een stervende Smith aan God waarom hij de platen niet mocht laten zien. “De mensen zullen geen bewijs hebben dat ik de waarheid spreek. Ze zullen het gewoon maar moeten geloven.” Maar, legt de engel uit: “Dat is soort van wat God voor ogen heeft”.

Stone en Parker laten er geen twijfel over bestaan: het Boek is wat hen betreft pure fictie. Toch heeft het verhaal van de gouden platen binnen de filosofie van de musical iets nobels. Een god waar de schrijvers zich in kunnen vinden zou waarschijnlijk niet willen dat mensen al te zeker zijn van Zijn bestaan.

The Book of Mormon gaat op 3 oktober in première, de voorstelling loopt tot en met 27 oktober. Meer informatie op carre.nl.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *